NOFF1-M2 Operationele benadering: Incidenten Gevaarlijke Stoffen - PIVO

NOFF1-M2 Operationele benadering: Incidenten Gevaarlijke Stoffen

Inhoud

De module behandelt volgende onderwerpen:

  • Elementaire chemie.
  • Gevaarlijk transport.
  • Naslag.
  • Awareness- processen en vezels.
  • Silo- en tankbranden.
  • Casestudies.

Leerdoelstellingen

  • Awareness:
    • Herkennen van de gevaren van IED
    • CBRNe kunnen verklaren
  • Chemie: 
    • Toelichten van de werking en van de risico's van biogasinstallaties
    • Het verschil tussen een scheikundige verbinding en een scheikundig element toelichten
    • De verschillende modellen voor het voorstellen van atomen opnoemen
    • Het periodieke systeem van Mendeljev toelichten
    • Toelischen wat een atoomverbinding en een moleculaire verbinding is
    • Nomenclatuur van de verbindingen opnoemen
    • Onderscheiden: mengsels en zuivere stoffen, homogene en het heterogene mengsels. 
  • Naslag: 
    • Hanteren van blootstellingsrichtwaarden
    • Definiëren van begrippen
    • Toelichting geven bij begrippen
    • Opnoemen van de verschillende eenheden van radioactiviteit
    • Beschrijven van de plaatsen waar hulpverleners te maken krijgen met radioactieve bronnen
  • Gevaren bij procesindustrie:
    • Toelichten kenmerken explosieve mengsels
    • Toelichten types explosies, soorten explosieve stoffen,...
    • Bespreken van preventie van explosies
  • Incidenten met vezels:
    • Beschrijven van de verschillende vezels
    • Toelichten van het gedrag bij brand, de gevaren en de blusmethodes
    • Bespreken van preventiemaateregelen bij de opslag van vezels
    • Hoe omgaan met asbest
    • Kennis asbestprocedure
  • Silobrand: 
    • Toelichten van het fenomeen explosies in stoffige omgevingen
    • Onderscheid maken tussen verschillende manieren van bestrijden van silobranden
    • Toelichten gevaren van incidenten in silo's
    • Opsommen van de kenmerken van stoffige omgevingen
  • Tankbrand:
    • Beschrijven van de samenstelling van een tankpark 
    • Onderscheiden van de verschillende types tanks
    • Identificeren van de risico's van tankbranden
    • Opnoemen en beschrijven van de verschillende scenario's tankbranden
    • Oplijsten van kwetsbare plaatsen
    • Schematisch weergeven van de blusmethodes en -middelen voor dit type interventies
  • Transport en opslag: 
    • Herkennen en identificeren van soorten verpakkingen en gevaarlijke stoffen bij wegtransport, spoortransport, binnenvaart, zeevaart en pijpleidingen
    • Gevaren correct inschatten bij wegtransport, spoortransport, binnenvaart, zeevaart en pijpleidingen

Doelgroep

Sergeanten in bezit van brevet MO2 en adjudanten.

Deelnamevoorwaarden

Ten minste graad sergeant + brevet adjudant hebben.

Lesmethode en werkvormen

  • 24 uur theorie.
  • 8 uur koude praktijk.

Beoordelingswijze

  • Toetsing 
    Het examen bestaat uit 2 delen: theorie en een case. Beide delen staan op hetzelfde aantal punten. 
    Binnen de case wordt er gewerkt met het systeem van rode kaarten. 

     
  • Kader voor Rode Kaarten bij IGS-examencases

    Waarom dit kader?

    Het doel van dit kader is transparantie en uniformiteit te creëren bij de beoordeling van examencases binnen de IGS-opleiding. Door duidelijke criteria vast te leggen, zorgen we ervoor dat elke cursist op een gelijke en eerlijke manier wordt beoordeeld. Bovendien benadrukt dit kader het belang van veiligheid en risicobeheersing tijdens interventies, zodat beslissingen in de praktijk geen levens in gevaar brengen.

    Wat is een Rode Kaart?

    Een Rode Kaart wordt toegekend wanneer een cursist een fout maakt die kritisch of levensbedreigend is. Dit betekent dat het antwoord of de actie een ernstige negatieve impact zou hebben in een reële interventie.

    Wanneer krijg je een Rode Kaart?

    Een Rode Kaart wordt gegeven bij een foutief antwoord dat één of meerdere van de volgende basisvoorwaarden schendt:

    • Manschappen, partners of burgers in gevaar brengen
    • De situatie laten escaleren
    • Onnodige extra slachtoffers veroorzaken

Voorbeelden die tot een rode kaart kunnen leiden:

  • Niet bovenwinds aanrijden (door een giftige wolk rijden)
  • Foutieve stofidentificatie of onderschatting van gevaar
  • Verkeerde tactische prioriteiten kiezen
  • Onjuiste opstelling (te dicht bij incident)
  • Geen perimeter instellen of mensen niet redden die gered kunnen worden
  • Foutieve PBM-keuze
  • Onjuiste decontaminatie (bv. water op reactieve stof)
  • Geen evacuatie of opschaling waar nodig

     

     

    Belangrijk

    • 1 Rode Kaart = niet geslaagd voor de case (je scoort 0 punten)
    • De lijst met fouten is niet limitatief; de rode kaart wordt altijd gekoppeld aan bovenstaande basisvoorwaarden.
    • U moet 50% halen om te slagen op de module.

Details

Kenmerk Waarde
Duur 32 uur
Prijs 384,00
Startdatum Geen startdatum
Alle details weergeven